Rhythm of Life onderweg

2008200920102011

Rondreis NZNieuw CaledoniePNGIndonesieMaleisiŽ

Op weg naar ....... Nieuw Caledonie

Soms vraag je je af waar al dat voorbereiden goed voor is; we komen er snel genoeg achter als we eenmaal de oceaan op zijn gevaren.

Eindelijk in de week na Pasen vinden we dat er een eind moet komen aan alle voorbereidingen. De kasten zijn gevuld met voorraden, de dieseltanks zijn vol, de gasflessen gevuld. Als ook de nieuwe bijboot op het voordek ligt vastgebonden en de bb-motor aan de hekstoel hangt kunnen we gaan. Op de valreep nemen we nog deel aan de "cruisers"afscheids bbq. We genieten tijdens de maaltijd van de fonkelende Maori dansperformance; mythes en sages worden uitgebeeld, doorspekt met Maori realiteit.

We willen op weg naar Nieuw-CaledoniŽ, om vandaar uit via Vanuatu en/of Solomons naar Papua Nieuw Guinea en Indonesie gaan.  In de loop van september willen we in Maleisie aankomen. Vandaar uit vliegen we weer naar Europa voor een aantal maanden gezin, familie en vrienden.

Het is wat onwennig, na ons vertrek, de volgende dag; na 6 maanden weer op de oceaan. Het inschommelen, het vooruitzicht nu weer meer dan een week op ons zelf te zijn aangewezen. Het voelt wat dubbel, Nieuw Zeeland te verlaten. We laten de vertrouwdheid van de stad achter met het dagelijkse rondje naar de supermarkt; de veiligheid van de vaste steiger met het elektrisch stopcontact. Aan de andere kant zijn we de regen en kilte van de laatste weken aardig zat. Het land biedt ons, afgezien van de adembenemend mooie natuur met zijn volstrekt westerse entourage na een halfjaar weinig uitdaging meer.  

Keerpunt Nieuw Zeeland; het speelt al weer een tijd door ons hoofd. Zijn we halverwege onze wereldreis en gaan we nu op weg terug? Maken we nog een rondje Pacific via Japan en Alaska en varen dan weer zuidwaarts naar OceaniŽ? Willen we terug naar Europa en is onze vaart door de Rode Zee versperd? Of gaan we liever via Zuid Afrika, al is dat een zwaar stuk en kost het een jaar extra? We "kauwen" regelmatig op het onderwerp.

De eerste dagen van de oversteek zijn prettig; een goede manier om aan het inschommelen en de eenzaamheid te wennen. Een gunstige wind brengt ons in vier dagen al op driekwart van de afstand. Al snel loopt het leven aan boord zoals we gewend zijn. We hebben wat technische storingen maar het grootste deel krijgen we al varend weer onder controle.

Een ding is er tijdens de vaart wat verontrustend. Een hogedrukgebied boven Nieuw Zeeland neemt geleidelijk aan steeds verder in belang toe en lijkt het weer in het laatste deel van onze oversteek ingrijpend te beÔnvloeden. Daar gaat onze voorspoedige kalme oversteek.

Drie dagen voor de geplande aankomst blijkt de wind, bij het eerste ochtendlicht al zo toegenomen dat we in een keer het grootzeil reven van het eerste naar het derde rif. Ook de genua wordt verder weggedraaid en vervangen door de kotterfok. De oceaan bouwt zich op en creŽert een steeds hogere deining die ons schuin van achter oppakt en brullend en bruisend weg zet. De stuurautomaat redt het niet meer alleen en moet steeds vaker worden geholpen.

Dan stort in korte tijd ineens een paar keer een volle massieve golf zich over ons uit. Spatzeiltjes worden van de railing geveegd, de buiskap aan stuurboord losgeslagen.  Wat ons nog nooit is gebeurd hebben we nu, liters water stromen de kajuit in, de kuip staat vol en kan het water maar moeizaam kwijt.

We zijn verzeild in zwaar weer, veel zwaarder dan we hadden voorzien, dat is wel helder. Om rustig te kunnen eten en slapen leggen we de boot die nacht bij. De zeilen gaan naar beneden, het roer wordt vastgezet en we laten de boot gewoon drijven. De volgende dag voltrekt zich niet veel anders, weer varen we slechts op het vierde rif, weer sturen we alles met de hand en weer leggen we de boot voor de nacht voor top en takel bij.

Ook de zaterdag brengt nog geen verbetering. Nu echter besluiten we de nacht gewoon door te zeilen. 36 uur lang staan we om de beurt een halfuur tot een uur aan het roer terwijl de ander navigeert, kookt, eet of slaapt. Eindelijk op zondagmiddag bereiken we de rifdoorgang op de weg naar Noumea, Nieuw-CaledoniŽ. Langzaam, mijl voor mijl, bevechten we onze weg naar de kleine doorgang door het koraal. We hebben pech, het continue gedraai en gerol op de oceaan heeft het vuil op de bodem van de dieseltank op gewarreld. Tot twee keer toe slaat ons brandstoffilter vol. Op halve toeren  lopen we binnen, nauwelijks een of twee knoop snelheid hebben we nog tegen de sterke wind en stroom. Uiteindelijk lukt het ons om net voor de avond valt Noumea te bereiken.

Liggend voor anker in de beschutting van de heuvels van Noumea nemen we de dagen daarna de tijd om de boot weer op te ruimen en de noodzakelijke dingen te herstellen. Na een paar dagen draait de watermaker weer -kennelijk ontregeld het "storage" proces telkens weer de zoutgehalte sonde-, pakken we de beschadigingen aan de buiskap en de spatzeilen op en ruimen de olie in de motorruimte weg.

Tussen de reparaties door is er gelukkig ook nog tijd voor andere zaken. Vlak bij de haven staan er in Noumea op ruime  schaal monumenten en musea. We gebruiken het weekend om ons langs die weg wat meer te informeren en oriŽnteren op Nieuw-CaledoniŽ. Niet verrassend blijkt ook Nieuw-CaledoniŽ tientallen jaren door de Franse staat misbruikt te zijn als gevangenen deportatie bestemming; een zelfde rol als Frans Guinea in Zuid Amerika. Na tientallen jaren vrijwel exclusief gebruikt te zijn als opberghok voor boeven en gespuis kan gerust gesteld worden dat veel van de hier wonende Fransen hun wortels hebben in misdaad en verloedering. Het heeft veel weg van de geschiedenis van Australie als Engelse gevangenen kolonie; ook de Australiers hebben hun wortels in misdaad en verloedering. Nauwellijks te geloven als je de nuffige Francaises over de boulevards ziet flaneren.

Zoals zoveel Europese koloniale machten is ook de Franse benadering van de Kanaken, de oorspronkelijke bewoners van Nieuw-CaledoniŽ beschamend. Pas in de loop van de zestiger jaren, vorige eeuw, was het Kanaken toegestaan de middelbare school te bezoeken tegen vijftig jaar eerder al Franse kinderen. Een Kanakenopstand in 1999 heeft geresulteerd in een overeenkomst om anno 2014 een referendum te houden over de eventuele mogelijkheid tot iets meer zelfbeschikkingsrecht. Hoever de Fransen daarin gaan is nog maar de vraag. De revenuen van de Nikkel-mijnbouw zijn te aantrekkelijk om zomaar te laten schieten.

Qua bevolkingsopbouw is Nieuw-CaledoniŽi bijzonder, de oorspronkelijke bewoners de Kanaken, maken nauwelijks 40% uit van de totale bevolking, boeiend genoeg is het aantal Fransen vergelijkbaar, ook nauwelijks 40%. De overige 20% is geheel gevuld met Aziaten (ca 10%), Polynesiers, inwoners van Vanuatu en Indonesiers. Bijzonder genoeg hebben de Fransen de Kanaken nooit in de mijnen te werkgesteld. Tienduizenden Javanen, Japaners, Polynesiers en inwoners van Vanuatu zijn in de loop van de jaren naar Nieuw-CaledoniŽ gehaald om in de mijnen te werken; de Kanaken pas sinds de laatste tientallen jaren.

Als tweede nikkelproducerende natie ter wereld staat de nikkelmijnbouw (vrijwel allemaal dagbouw) boven alles verheven. Het is ongelofelijk hoeveel landschapsschade en milieuverontreiniging geaccepteerd wordt om de nikkel maar gewonnen en getransporteerd te krijgen.  

Met 2000 kilometer koraalrif rondom het eiland, net zoveel als het Great Barrierreef, is Nieuw-CaledoniŽ een belangrijke koraalrif natie. Hoewel wat in tegenspraak met de nikkeloxidevervuiling van de lagunes, vormt het koraal en de lagune een Werelderfgoed. Frankrijk doet er veel aan om de lagunes en riffen, toeristisch, te exploiteren; resorts zijn er in overvloed. Op een zuidpunt van de Baie des Citrons, uitzicht op het rif en de lagune, staat het 5 jaar oude Aquarium van Noumea. Een parel met niet alleen wonderschone vissen, planten, koralen maar ook met een prima, thematische toelichting. We brengen er een aantal uren door; het is goed te weten wat er naast en onder je zwemt op het rif.

Het is vreemd; ondanks alle voorbereiding van routes en bestemmingen blijken we wat naÔef toch wat zaken over het hoofd gezien te hebben of in ieder geval wat te licht ingeschat. Na een paar dagen krijgen we eindelijk antwoord op de vraag of we toestemming kunnen krijgen langs de oostkust, 250 kilometer noordelijker uit te klaren. Ons plan is van baai naar baai, met de passaatwind in de rug, langs de kust noordelijk te varen voor we het land weer verlaten. Het bericht is helder, niet toegestaan. Alleen inklaren en uitklaren in Noumea en daarna binnen 3 dagen het land verlaten; we zijn stom verbaasd. Met nadruk wordt gesteld dat we zes maanden mogen blijven en dat we het hele mooie eiland rond mogen varen, maar gewoon een stukje rond en dan weg, dat mag niet.

Het blijft na de zon de eerste dagen, de hele week gutsen van de regen en de harde wind. Tussen de buien door klaren we net voor het weekend uit en doen onze allerlaatste boodschappen. We hadden graag wat meer gezien van het land, maar op de enige manier waarop ze het toestaan is dat wel een hele grote opoffering. Ze geven "Parijs" de schuld; jammer, in Frans PolynesiŽ was het vorig jaar anders, dwz wel mogelijk. Zijn de regels veranderd? Onduidelijk.

Deze wijziging in onze plannen dwingt ons nog eens goed na te denken over onze verdere route. Om voldoende tijd voor IndonesiŽ en MaleisiŽ te hebben willen we in de loop van juni al in Port Moresby op Papua Nieuw Guinea zijn. Ons plan tot dat moment, 4 weken later, bevat nog twee landen. Samen met wat oceaanoversteken, misschien wat teveel hooi op de vork. Na lang nadenken besluiten we Vanuatu over te slaan, een land vol met "oorsprong" ruilen we in voor de Solomons eilanden; weer een land vol "oorsprong". Het geeft vast wat meer rust in het programma; rust om vanaf Honaira iets meer achterland te zien.

Misschien maken we wel de verkeerde keuze; ruilen we een land vol actieve vulkanen in voor een land met net iets minder aardbevingen en vulkaan uitbarstingen; hoewel Nieuw Zeeland, Nieuw-CaledoniŽ, Papua Nieuw Guinea en Indonesie er ook wel wat van kunnen. Nooit hebben we ons voor we aan de reis begonnen gerealiseerd dat we wekelijks, in sommige periodes zelfs bijna dagelijks, in de onmiddellijke omgeving geconfronteerd zouden worden met aardbevingen (schaal van Richter >6/7), vulkaanerupties en tsunamis. 

Zolang we nog niet vertrokken zijn is de dagelijkse wandeling dor de stad naar de supermarkt en de bakker een vaste regel. Onderweg, het hangt er even vanaf welke straat je neemt, de winkels met de kleurrijke "Mother Hubbart" jurken. Bij hun aankomst in de Pacific konden anderhalve eeuw geleden de missionarissen de ontblote vrouwenborsten op de eilanden niet langer aanzien. De oplossing werd snel gevonden. Nu lopen vrijwel alle inheemse vrouwen op de eilanden in deze alles verhulllende soepjurken.  

We plannen aan het eind van het weekend te vertrekken net voor de instanties maandagmorgen weer open zullen gaan (en je je eigenlijk weer moet melden). Nauwelijks is het anker op of Christien, aan het roer, meldt dat de stuurinrichting het niet doet. Gefrustreerd gaat het anker er weer opnieuw in. Wat we aantreffen is nauwelijks voor te stellen. De complete hydraulische cylinder is volledig van zijn voetstuk gerukt. De bouten en moeren liggen er her en der naast. Vreemd genoeg ben ik een dag of drie eerder er bezig geweest voor wat fijninstelling en werkte de stuurunit prima. Vermoedelijk zat ie op dat moment nog op de laatste eindjes vast. Er naast ligt een defecte, doorgeschavielde hydrauliekleiding. Kapot gegaan over de bout resten. De harde wind, achter het anker, de laatste dagen heeft kennelijk alles losgetrokken. Het is duidelijk dat dit eerst moet worden hersteld. Bijna een dag en een nacht piekeren later, zijn alle onderdelen weer vastgezet, respectievelijk is voor de reparatie van de hydrauliekleiding een oplossing gevonden die het een tijdje uit moet kunnen houden. Opgelucht dat we het toch weer in orde hebben kunnen maken; naÔef!

Na 3 uur varen binnen de riffen begint de motor te sputteren. Even het brandstoffilter omzetten, we hebben er voor dit soort gevallen 2 parallel aan elkaar, blijkt er toe te leiden dat alles uitvalt. Gelukkig zijn we in de buurt van een ankerbaaitje waar we zeilend inlopen en - Christien!- voor anker gaan; zeilschoolmanoeuvre voor gevorderden. Het loopt tegen negenen in de avond als ik de sleutels, zonder resultaat, neerleg. Drie brandstoffilters gewisseld, ander opvoerpompje gemonteerd, maar ontluchten hoh maar.

Na een nacht piekeren krijg ik een idee. Met een reserve brandstofpompje van de generator, vanaf de tank de lucht er gewoon uitgejagen. Sneller dan verwacht spuit de diesel er bij de filterontluchting al uit. Twee keer starten is voldoende om ook de lucht in de verstuivers kwijt te raken. Wat in 6 uur niet lukt, is de volgende dag in vijf minuten een feit.

We laten de motor uren achtereen op een stevig toerental, onbelast draaien. Geen hapering meer te horen. Toch zijn we nog niet gerust. Morgen nog maar eens starten en terug naar Noumea. Zeker is dat er in de filters veel (opgedwarreld?) vuil zat. Gaan we alle diesel in de tanks - 800 liter- nog eens filteren? In elk geval kunnen we niets anders dan maar weer opnieuw in Noumea de autoriteiten langs gaan.

Het is gek, maar het is net of we weer vertrouwen in de boot en z'n systemen moeten krijgen. We merken dat we hoe dan ook voor we vertrekken eerst veilig binnen het rif willen zien of alles het echt wel doet. Tot onze opluchting blijkt het hernieuwd inklaren in Noumea simpel; ons vertrek wordt gewoon doorgehaald in de verschillende systemen en boeken.

De volgende dag gaan we meteen weer aan de slag. Hoe we de diesel ook filteren, er verschijnt geen gruis meer in het filter. Voorlopig houden we het maar op opgedwarreld vuil tijdens onze woeste tocht naar Nieuw Caledonie toe. Blijft wel dat we een keer de beide tanks moeten zien schoon te zuigen in de laatste centimeters boven de bodem verzameld zich gruis en smurrie. 

Tussen de "diesel"bedrijven door herstellen we de "provisorische, maar dichte" hydrauliek verbinding. De eerste poging vlak voor het weekend strandt als ik de lekkende verbinding nog een extra slagje met de moersleutel geef. Ik kan steeds makkelijker steeds verder draaien. Als snel is duidelijk wat ik gedaan heb. Als een gorilla heb ik -"vast is vast" klinkt als monteurswijsheid in mijn achterhoofd-  de zware rvsmoer van de hydraulische koppeling zo bruut vast gedraaid dat ie compleet scheurt. Ik schaam me het hele weekend lang. Op maandag lopen we, een uur heen/een uur terug, weer naar de hydrauliekzaak. Als na de lunch alles op z'n plaats zit lekt de boel weer. Pas na nog een keer losschroeven, klemkoppelingen extra aandraaien en weer vastschroeven lijkt het te lukken de zaak zo dicht te hebben dat het er mee door kan.

Eindelijk kunnen we weer aan vertrekken denken. Midden van de week lijkt een kansrijke periode aan te breken. We hebben nu weer een dag of tien verloren door het herstel van de nieuwe storingen. Onze plannen wijzigen zich opnieuw. Helaas moeten we nu ook de Solomoneilanden laten schieten; de tijd gaat ontbreken. We varen rechtstreeks naar Papua Nieuw Guinea. Op zich geen straf maar, gezien de landen en bestemmingen die we hebben laten schieten, toch jammer.

Hemelvaartsdag kunnen we eindelijk vertrekken. Het heeft de eerste dagen van de week nog wat voeten in de aarde voor we weg kunnen; de hydrauliek blijft lekken, plots valt de koelkast uit. Als uiteindelijk ook de laatste klussen gedaan zijn kan er uitgeklaard worden. Na het verzamelen van de nodige stempels en documenten, het inslaan van de laatste verswaren en het -voor de tweede keer!- belastingvrij tanken, kan het anker worden gelicht. 

Een afwijking van de regelgeving, de dag na Hemelvaart zijn alle kantoren gesloten en is uitklaren dus niet mogelijk, biedt ons ineens de mogelijkheid de eerste dagen, legaal door de lagunes op weg te gaan en pas in het weekend echt te vertrekken. We benutten de dagtochten om te zien dat alles naar wens werkt en weer vertrouwen te krijgen in de verschillende onderdelen. Zondagochtend is het dan zover en gaat het anker definitief uit de grond van Nieuw-CaledoniŽ; we zetten koers naar Papua Nieuw Guinea (PNG).

Nieuw-CaledoniŽ; Meer Foto's


Zie ook het Zeelog voor de eerste impressies en posities die we tijdens de reis al met de HF-zender op de site hebben gezet.

 

 

Op deze pagina rust auteursrecht; gebruik van delen alleen na toestemming van de auteur.