Rhythm of Life op weg

200820092010

Juan FernadezPaaseilandPitcairnGambierAustralsSociety eil

Cook IslSamoaTongaFijiNieuw Zeeland

De oceaan op...naar de Austral eilanden

De weersverwachtingen zijn onzeker en vol windkalmtes. Na de Gambier archipel pakken we de draad van de reis weer op. We melden ons af bij de gendarmerie en kunnen weg. Nog een keer verzamelen we in de baai van Taravai fruit en kokosnoten. Dan kunnen we direct achter een passerend weersysteem ankerop.

Rapa
We zeilen de bijna 600 mijl naar Rapa in vier dagen; een snelle maar rauwe tocht. Op de vierde dag ligt aan het eind van de middag Rapa, wat verscholen in de wolken van weer een passerend koufront, recht voor de boeg. Een half uur voor donker gaat het anker erin. Jaarlijks bezoeken maar 5 boten dit eiland.

In de late schemering kunnen we nog net de omgeving op ons laten inwerken. Opgebouwd uit een groot aantal vulkaan pieken; de caldera is doorgebroken en vormt de baai; ziet Rapa er van afstand kil en ongenaakbaar uit. Alsof een draak zijn scherp gepunte tanden heeft achter gelaten. Nu achter het anker blijkt toch ook een groot stuk van de lagere hellingen bebost met Norfolk den. In de schemer ruiken we de naaldhout/hars geur; het doet denken aan Schotland en Zuid Noorwegen.

In de kille ochtend, de zon net op, valt pas goed op in wat voor krater we liggen. Het harde ochtendlicht toont de kraterwanden om ons heen in al hun ongenaakbaarheid; harde lijnen over de kammen met diepe schaduwen in de nog niet belicht hellingen en dalen daar achter. Na een uur is het schouwspel over; het licht wordt zachter, de omgeving milder, glooiender, met meer reliŽf.

Om ons heen, volle hellingen dennen; de palmen, bananen en mango's zijn verdwenen. Het klimaat leent zich meer voor appels, peren en kiwi's. Het valt op dat de koelkast nauwelijks meer aanslaat; het antwoord is eenvoudig. De water temperatuur is van 28,5 graden terug gezakt naar 22 graden. Tijd om 's nachts weer wat meer aan te trekken.

Rapa is net als een aantal van de afgelegen eilanden die we eerder bezochten, een groot natuurreservaat met een minimale bevolking. Eens in de maand komt de boot met voorraden; voor het overige zijn ze geheel zelfvoorzienend. Men bakt zijn eigen brood, kweekt zijn eigen groenten, plukt zijn eigen fruit, vangt zijn eigen vis (helaas binnen het rif ook hier weer Ciguatera).

Ooit was het eiland verdeeld onder 12-14 clans; stammen die elkaar op bloedige wijze achterna zaten en, soms letterlijk, wel konden vreten. Vanuit hoog op de kraterpieken rond de baai gelegen forten hielden ze elkaar in de gaten. De meesten zijn overgegroeid en ingestort, een enkele is slechts bereikbaar. Een steile klim van een uur/anderhalf uur brengt ons in de vroege morgen bij een van de dichtstbij gelegen forten. De clan die dit fort gebruikte had een prachtig overzicht over de baai en de heuvels rondom, tot ver in de, nauwelijks toegankelijke, baaien aan de andere kant van het eiland. Om ons heen de forten van andere clans; strategisch geplaatst boven op de scherp gepiekte vulkaantoppen. De vulkaanwanden rond om ons heen zijn stijl; de pieken rondom scherp gekamd en ongenaakbaar.
Nu een ruime eeuw later zitten hun nakomelingen in de coŲperatie; de strijdbijl begraven. Het eiland wordt gerund door deze coŲperatie. Dezelfde clans; gezamenlijk bedrijven ze land en tuinbouw; gezamenlijk bezitten ze en hoeden ze het vee; gezamenlijk wordt vis gevangen; gezamenlijk wordt een winkel gedreven en voorraad ingekocht.

550 inwoners heeft het eiland. Eigenlijk het zelfde probleem als op Pitcairn, een groot tekort aan vers bloed; aan frisse genen om te voorkomen dat, zoals nu, iedereen familie van iedereen is met grote bloedverwantschappen. Het inteelt gevaar is groot, daarom wordt nu op grote schaal gestimuleerd dat mensen van buiten op Rapa komen wonen en nog belangrijker de mensen van Rapa ook elders gaan kijken, de andere Australs, Papeete of eventueel zelfs in Parijs. Een gesloten gemeenschap Rapa; we spreken Cynthia, ze is "presidente" van het Comite de Tourisme. Vol enthousiasme vertelt ze ons over het eiland; het eiland van haar man. Zelf komt ze van de Marquisas. Naast het probleem van de zich zelf voortplantende genenpoel is er het probleem van het nieuwe groeiend analfabetisme; ooit met de kerstening van het eiland door de zendelingen, -kerken, scholen, opvanghuizen en nog veel meer werd gesticht en ingericht-, werd de mogelijkheid gecreŽerd iedereen naar school te laten gaan. Nu, voor de oudste kinderen is er alleen onderwijs in Papeete, 1200 kilometer verder op; de midden groep, vanaf 8 jaar, gaat naar Tubuaiu nog altijd 700 kilometer verderop. Alleen de kleinsten, tot 8 jaar, en een enkeling die onderwijs via internet volgt, blijven nog op het eiland. Steeds vaker vragen de ouders zich af waarom verder leren eigenlijk nodig is; waarom de kinderen zo lang, zo ver van huis te sturen. Is op een eenvoudig eiland; met eenvoudige voorzieningen; eenvoudig werk in de tuinen, de landbouw, het vee, de visvangst meer dan die paar jaar scholing eigenlijk wel nodig.

Rapa wil vooruit in de Vaart der Volkeren; een bolwerk van Ecotoerisme. Voor het zover is moet er nog wel het een en ander gebeuren; verruiming van de genenpoel, keren van het sluimerend gevaar van analfabetisme.

Een van de mooie dingen van Rapa zijn de wilde rode guaves, -een rozenbottel lijkende zoete vrucht-, We verzamelen er tijdens onze verschillende tochten kilo's van. Aan boord maken we er sap, compote, jam en nog veel meer van.

We lopen verschillende trails; in het begin van de week is het nog goed weer en kan het nog. Later in de week trekt een koufront met de nodige regen en wind over ons heen. Een van de tochten leidt naar een aantal van de groente tuinen/plantages elders op het eiland. Een uur steil klimmen door uitgestrekte Norfolk Pine bossen, vergelijkbaar met onze europese Grove den en Oostenrijks/Corsicaanse den-, voor we over de kam kunnen afdalen naar een van de andere baaien. Onderweg naast de dennen en honderden guavestruiken, ook koffie, maniok, taro en verwilderde bananen. Als we afdalen naar de plantages aan de andere kant moeten we ons stevig door de bush een weg zoeken om verder te komen. Helemaal aan de voet van de weg, weer nieuwe tarovelden. Dit keer staat de taro niet droog maar staat in terrassen die worden bevloeid op de manier waarop ook rijst wordt verbouwd. We proberen ons een weg te vinden over de smalle dammetjes tussen de velden; een drassig avontuur met de nodige uitglijders. Naast ons schieten kleine snelle dieren door het water; is het paling of zijn het slangen?

Rapa; het minst Polynesische eiland van Frans Polynesie. Een koufront nestelt zich, na de eerste zonovergoten warme dagen,  boven ons. Het lijkt wel herfst, storm en regen trekt over ons heen. Weer vergelijken we het met Schotland; vulkaantoppen steken dagen lang in de wolken. Het lijkt wel een alpenwei met al die versluierde bergen. De dagen vullen zich met klussen, schrijven en opruimen. Het is duidelijk te merken dat Rapa in een andere klimaatzone ligt. Ander fruit; andere begroeing en vooral kouder met felle herfstachtige regenbuien. We plukken tussen de buien grote hoeveelheden rode guaves, een rozenbottelachtige vrucht, die zich prima leent om los te eten, als jam, als compote, kortom voor van alles. Door de week plukken we al een aantal kilo's, in het weekend doen we daar nog eens 5 kilo bij. Nog weken eten we rode guave op brood, in de muesli en door de fruitsap.

Heel even lijkt het droog te worden. In het maanlicht varen we over het rif naar de wal om het dagelijkse oefenen van de dansers voor het jaarlijkse festival in Tahiti te zien. Een geweldig spektakel met percussie, dans, zang. Er wordt heel druk gewerkt aan een goede performance straks in juli. Een happening waar het hele eiland een jaar aan werkt. Ze willen winnen dat is zeker. 

Net voor we de weg terug willen lopen barst een gigantische bui los. Hadden we even niet opgerekend. Gelukkig kunnen we in een open pickup, de anderhalve kilometer, terug naar de steiger; vechtend en klappend op de golven kunnen we daarna in de aardedonkere nacht naar de boot. Door en door nat. In de kuip kunnen we ons compleet uitkleden; tussen de inhoud van twee volledige wassen die daar net hingen te drogen. De volgende dag bij daglicht overzien we de puinhoop; uitwringen, ophangen en tussen de buien door laten drogen. Pas anderhalve dag later kunnen we de laatste gedroogde spullen opruimen.

Zo lopend over het eiland kom je bijzondere mensen tegen. We treffen Rootie; een kunstenares en ecoactiviste. Ze heeft een droom; de droom van een volledig ecologisch verantwoord eiland; schone energie, verantwoorde afval verwerking; elektrische auto's, -er ligt 8 kilometer weg op het eiland-, elektrische bootjes, minder energie verbruik in de huizen. Vol vuur verteld ze ons van haar project; de deelnemende universiteiten; het geld uit Europa. Een inspirerende vrouw; wie weet als we hier ooit over een aantal jaren weer langs varen heeft ze haar doel bereikt. Voorlopig moet er eerst nog heel veel geÔnspireerd en gestimuleerd worden.

Het weer zit niet mee, eigenlijk willen we nog een aantal dingen zien. We blijven tot na het weekend. Iemand vraagt ons of we een foto willen maken met haar kinderen. Na de zondagse kerkdienst zorgen we voor foto en afdruk. De reactie is hartverwarmend, als we die middag naar de boot terugvaren om ons klaar te maken voor vertrek de volgende ochtend staat ze daar; een doos vol broodjes en donutachtige krakelingen; een andere doos met twee bananenstammen; voor onderweg.

Aan het begin van de week vertelde iemand ons dat er eigenlijk geen geld omgaat op Rapa; alles, groente,fruit, vis, vlees, diensten, alles wordt geruild.

De volgende ochtend halen we het ankerop. Er ligt 100 meter ketting uit tussen de koraal. We zijn lang bezig voor we de ketting voorzichtig, meter voor meter, binnen hebben. We nemen afscheid van een bijzonder eiland; afscheid ook van de Alicia en Alfredo van de On Verra. Bijna zes weken hebben we met elkaar opgevaren; leerzaam, voedzaam en gezellig.

We zeilen naar Raivavae, het volgende eiland in de Australgroep, 300 mijl noordwestwaarts. Wederom een eiland met maar weinig bezoekende boten per jaar; minder dan 10.

 

 

 

 

 

 

De afstand van Rapa naar Raivavea is ongeveer 300 mijl varen, zo'n 2,5 a 3 dagen. De wind is ons gunstig gezind; op een aangename halvewindse koers en met een lekkere wind kunnen we in een rechte lijn op weg naar ons doel. Slechts een enkele bui, in de nacht, dwingt ons voor een paar minuten wat voorzeil te minderen.

Raivavae
Na twee dagen al, kan voor de middag het anker er weer in binnen het rif van Raivavae; het mooiste eiland van de Zuid Pacific, mooier nog dan Bora Bora. Althans dat schrijft men; wij kunnen het nog niet beoordelen. Het duurt nog een week of 6-7 voor we Bora Bora met eigen ogen kunnen zien.

Ooit had Raivavae meer dan 3000 inwoners; een afgelegen eiland met nauwelijks contacten elders in Polynesie. Tot in 1826 vanaf Tubuai, het meest nabije Austral eiland, 100 mijl meer westelijk gelegen, in enkele golven besmettelijke ziektes Raivavae bereikten. Besmettelijke, "westerse" ziektes die doorgaans in het kielzog van de westerse schepen en missionarissen meekwamen naar de eilanden van de Pacific en bevolkingen decimeerden. Zo ook Raivavae, na enkele jaren was het inwonertal terug gelopen tot 120 overlevenden. Nu wonen er minder dan 900, verdeeld over drie kustdorpen.

Raivavae heeft geen legendes meer; kent zijn oude forten; z'n beelden, de Tiki's; de offerplaatsen, de Marae niet meer. Raivavae heeft geen cultuur meer, heeft geen herinneringen meer aan het verleden. Het is na het bruisende Gambier en het heel anders bruisende Rapa een merkwaardig eiland om te bezoeken, zonder trommels, zonder dansen, maar met een fanatieke kanoploeg. Raivavae neemt ook geen deel aan de juli dansfeesten in Tahiti; alleen de fanatieke kanoŽrs die zijn van de partij.

Het loopt tegen Pasen; her en der treffen we vrouwen met mooie hoeden. Ze zijn op weg naar de kerk, protestant. Het lijkt bijna alsof de aanwezigheid van de zendelingen de afgelopen 180 jaar elke rest van geloof in het verleden in de kiem gesmoord heeft en succesvol heeft vervangen door het protestants geloof. Men is streng; het is Goede Vrijdag, de dag van de kruisiging; een dag van vasten. Iedere inwoner van Raivavae vast, na het "laatste avondmaal" op Witte Donderdag, vroeg in de ochtend tot aan het begin van de avond van de Goede Vrijdag. Daarna is er binnen een aantal kerken een gezamenlijke maaltijd. Een week later is er weer een gemeenschappelijke maaltijd, in andere kerken. Ditmaal vanwege het FÍte de la Reunion. Op het eiland staan zeven verschillende kerken van even zoveel geloven, streng Protestant tot Mormonen, Jehova's en Zevendedags Adventisten. 

Het is muisstil, die Goede Vrijdag, op straat. Vanaf de boot hebben we een goed zicht op de weg door het dorp; in tegenstelling tot de twee voorgaande dagen loopt, fietst of rijdt er niemand.

Het weer zit niet mee terwijl we op Raivavae zijn. De voortdurende noordwestenwind blokkeert onze weg naar Tubuai. Het laatste eiland dat we willen bezoeken voor we naar Tahiti gaan.

We maken een aantal stevige wandelingen over en rond het eiland. Vlak bij de boot de bekendste Tiki van het eiland. Bijna altijd komen we beladen met fruit, groente en andere gerechten weer thuis. Voor de zekerheid nemen we rugzakken en een boodschappentas (AH-Hamsterweken) mee; je weet maar nooit. Af en toe schamen we ons wat voor onze fruitverzameling. Maar met zoveel dat uit vriendelijkheid wordt gegeven is het moeilijk nee zeggen. Bij vertrek hebben we nog niet alles op. Zo'n 300 bananen, 20 papaya's, 20 pompelmoesen, 60 passievruchten en 20 citroenen zijn nog in voorraad.

Er loopt een weg dwars over het eiland over de heuvels naar de andere kant. We lopen de weg twee keer. Het is verrassend hoe de natuur na de eerste tuinen vol bananen en papaya geleidelijk veranderd. De verwilderde bananen staan de hele weg langs de kant; het struikgewas veranderd. Op weg naar het hoogste punt lopen we langdurig tussen de Norfolk Pine, hier met een massieve ondergroei van varens. Kennelijk is het vochtig en zuur genoeg om dit mogelijk te maken. Steeds hoger en hoger klimmen we tegen de heuvels op. We transpireren ons een ongeluk; de warmte en vooral de zeer vochtige atmosfeer maken het een zwaar karwei. Pal over de kam hebben we een goed zicht op de andere kant van het eiland. De azuurblauwe lagune; het donkere koraal; de witschuimende branding op het rif; een perfect plaatje. De weg naar beneden is steil; gladglibberend lopen we langs de weg naar beneden; honderden gekko's, nauwelijks 2-3 centimeter groot, schieten overal om ons heen de berm in. We lopen en liften verder, langs het vliegveld, een kale airstrip zomaar in de lagune, naar de boot. Een stevige wandeling zo rond het eiland.

In de loop van onze tijd op Raivavae blijkt de watermaker het echt te hebben begeven. We moeten nu op een andere manier op waterjacht. Het water op het eiland is niet geschikt voor consumptie. Voor onze koffie en thee vallen we terug op regenwater. Gelukkig regent het af en toe zodat we dagelijks 5-10 liter consumptiewater ophalen. Als straks in Tahiti onze bezoekende kinderen,  met kleinkind, komen is het weer herstellen van de watermaker de eerste klus voor we kunnen gaan varen.

Het is gek gesteld in wereld. Zijn we eerst dagen aan het proberen om van Rapa naar Raivavae te komen; nu doen we alle pogingen weer van Raivavae te kunnen vertrekken. De wind zit na een paar zonnige dagen ruime tijd in de noordwesthoek; regen, bewolking en veel wind krijgen we over ons heen. Precies waar we liggen is het lager wal; normaal waait het hier nauwelijks. Gelukkig remt het rif, halve mijl verderop, de oceaandeining.

Precies drie jaar onderweg rond de tijd dat we Raivavae gaan verlaten. Toen we uit Nederland vertrokken, met veel regen en kou, zochten we naar de zon. Nu in de zon zoeken we dagelijks naar water om onze tank bij te vullen; het kan verkeren.

In de warme ochtend zon verwerk ik een verse tonijn tot lekkere tonijnmoten; weer voor dagen vis. We zijn voorzichtig geen visafval over boord te gooien; ik spoel de visplank schoon en, zeer verdund, zie ook wat bloed het water in sijpelen. Binnen de kortste tijd zwemmen ze achter de boot; ons haaiengezelschap, klaar voor de restjes.

Drie jaar onderweg; bananen, kokosnoten, tonijn, haaien als gezelschap. We varen nog wel even door; er is nog zoveel te zien.

De verwachting is dat na de periode met veel noordelijke wind een korte periode met eerst lichte en later stevige zuidelijke wind aanbreekt. Daarna zal voor dagen de noordwestenwind zich weer nestelen. We laten Tubuai schieten en varen rechtstreeks naar Tahiti; het risico dat we te laat komen voor ons bezoek is te groot.

Voorafgaand aan ons vertrek van Raivavae, laten we eerst nog een klein gebied met regen en verkeerde wind over ons heen gaan. Wat aanziet voor onschuldige regen blijkt vroeg op de zaterdag een storm depressie te zijn met rukwinden en bakken water. Kort na het ontbijt stort een wind/regenbui, een van de vele van die dag, zich over ons heen. Het enige verschil met de anderen, deze bevat een complete storm van 50 knoop. Meer dan een kwartier blaast het en wordt het water vlak achter ons tot onaangename hoogte opgezwiept. We laten even het zwaard zakken zodat we wat stabieler liggen en houden een oogje in het zeil; we liggen uiteindelijk wel erg dicht bij de lagerwal. Na een kwartier is alles weer rustig; de bakken regenwater zijn gevuld en kunnen in de flessen. Alleen de buurman, die heeft wat meer werk. Zijn bijboot, -nog aan een touwtje gelukkig-, is van zijn dek gewaaid, van z'n regen opvang zeil is niet veel meer over.

De volgende dag is het windstil; er lijkt de dagen daarop wat meer wind te zijn. Het is niet aanlokkelijk in de windstilte 4 dagen op de motor naar Tahiti te varen. We wachten nog een dag in de hoop vlak voor de depressie van wat meer wind gebruik te kunnen maken. De volgende dag verlaten we net voor een grote regenbui Raivavae. Achter ons, 2 mijl, verdwijnt het eiland achter een grote grijze muur, precies op het moment dat we door de pas naar buiten varen. Er volgt een stevige tocht, van 2,5 dag/400 mijl op de voorste golf van een depressie, op weg naar de Society eilanden.

Australs; Meer Foto's
Zie ook het Zeelog voor de eerste impressies en posities die we tijdens de reis al met de HF-zender op de site hebben gezet.

Op deze pagina rust auteursrecht; gebruik van delen alleen na toestemming van de auteur.