Rhythm of Life op weg

AanloopFrankrijkSpanjePortugalMarokkoCanarische Eil.Kaap Verden

 

Marokko, September 2008

Op weg naar Marokko
Na een paar dagen Puerto Sherry, Spanje, wordt het tijd om Europa achter ons te laten en te beginnen aan de oversteek. We vertrekken aan het begin van de dag met weinig wind. De verwachting is echter dat de wind in de loop van de dag zal toenemen. Tegen de middag begint het aardig door te waaien en aan het eind van de middag varen we met windkracht 8 ter hoogte van Gibraltar. In de loop van de avond valt de wind terug. Om middernacht is er nauwelijks meer iets over van de wind. De nacht is donker én, calculatiefoutje, stikvol met scheepvaart. We blijken zelfs 40 mijl buiten de kust zowel in de visgebieden te zitten als in de scheepvaartroute langs de Afrikaanse kust naar Gibraltar. Op de motor, onder een zwaarbewolkte hemel jagen we op lichtjes van vissers en koopvaardij. Eén keer hebben we een spannende ontmoeting met een visser met schijnwerpers en een aantal snel bewegende rode lichtjes er om heen. Tonijnennet? We weten het niet. Geankerde boeien is onwaarschijnlijk. De waterdiepte ter plaatse is meer dan 1000 meter. Met moeite varen we er een ruime circel om heen en houden de rest van de nacht nog grotere afstanden in acht tot vissersbootjes en geheimzinnige rode lichtjes. Een eerste nacht op zee is altijd onrustig (althans bij ons), gecombineerd met de harde wind bij aanvang en de chaotische lichtjes in de nacht komt er van slapen niet erg veel. Helaas laat de wind het de hele dag verder afweten met als gevolg dat afgezien van een paar "proberen te zeilen uren" we vrijwel continue de motor aan hebben. De verwachte windshift naar het noorden blijft wat langer uit. Gelukkig kunnen we overdag (nauwelijks meer een schip gezien) op het gebrom van de motor bijslapen. We willen voor het donker in Mohammedia zijn omdat we niet kunnen inschatten in hoeverre de vrijdag in een islamitisch land wel of geen werkdag is voor instanties als douane, politie etc. De laatste mijlen zeilen is daarom geen optie. De wind is te zwak en staat tegen.

Bij het invaren van het haventje (30 boten) zien we al snel de Lady of the Lowlands liggen, een boot die we al kennen uit Nederland. Toevallig kwamen we ze ook al een week geleden tegen in Vila Real. Toen was er even geen gelegenheid bij te praten. Nu hebben we daar wat uitgebreider tijd voor. We liggen bij de jachtclub in een zijhaventje van een grote olie en gashaven. De mediterrane geuren blijven beperkt tot de wat weeïge geur van olie, vis en afval.

De ontvangst in de haven is zeer vriendelijk en behulpzaam. De verschillende instanties, die overigens op vrijdag ook gewoon beschikbaar zijn, komen allemaal binnen twee uur aan boord. In tegenstelling tot ervaringen in de afgelopen jaren is er in de haven van Mohammedia in de tijd dat wij er liggen absoluut geen sprake van "fooi en geschenken" gedrag. In tegendeel zelfs.

Wat opvalt, hier maar ook al eerder in Frankrijk, Spanje en Portugal, is dat men niet goed uit onze paspoorten en scheepspapieren komt. Niet alleen is het feit dat er twee eigenaren zijn erg verwarrend (maar wie is dan de captain?), ook het registratienummer is niet helder (met kleine letters onder aan de scheepsbrief), de einddatum van de scheepsbrief is onduidelijk (is er namelijk niet). Het paspoort levert weer andere verwarringen, zo is het beroep een probleem, ontbreekt er een adres en bovendien is het wel uitgegeven door de Burgemeester van... , maar er staat niet bij wie dat is. Kennelijk is er een formulier waarop men in moet vullen dat het uitgegeven is door .... Daar moet een naam ingevuld worden en geen functie of titel. Misschien tijd om naast de fraudebestendigheid ook de "begrijpelijkheid" voor buitenlandse locale ambtenaren mee te nemen. Misschien is ook het feit dat de papieren niet in het Arabisch zijn opgesteld wel heel lastig. Dat wordt nog wat de komende tijd.

Inburgeren
De volgende dag maken we kennis met Mohammedia. We lopen naar het centrum, pinnen geld en doen onze boodschappen in de kasbah. Mohammedia is opvallend groen met een overdaad aan mediterrane geuren en kleuren. We lopen in de kasbah kort voor aanvang van het vrijdaggebed. De zoetige geuren van kruiden, specerijen, verse bloemen, groenten en fruit vermengen zich met elkaar. Een slager verwerkt voor hij sluit z'n laatste stukken vlees. Een haan kraait, z'n laatste uur bij de poelier. Een man maakt nog wat vis schoon aan de rand van de straat. Dan klinkt de oproep voor het gebed en een stroom gelovigen trekt naar de moskee. Wij verlaten de kasbah en gaan weer aan boord. Onder de bimini is het 38 graden.

Tegenover ons ligt de vissersvloot van Mohammedia. Een bont geheel van enkele grotere boten en vele tientallen kleine open bootjes. Een aantal van de kleine bootjes heeft een mastje op de boot met een paar lampjes. Één van die lampjes is een rood lampje. Het antwoord op onze ontmoeting op open zee de nacht daarvoor? Een vissersschip met een aantal open hulpbootjes met zo'n rood lampje?

Bij de vissers gaat ook in het weekend het werk gewoon door. Sommige leven aan boord en doen daar ook de was, koken hun eten en wassen af. Op een avond zien we 20 meter verder op de jongste visser de afwas doen. Gewoon over de rand van het kleine houten bootje. Afspoelen in de haven en droogmaken met een bundel uitgeplozen touw. Een bootje verder doen ze net benzine in de buitenboordmotor; wat visresten drijven op de kalme stroom naar buiten.

In de jachthaven zelf is het in het weekend druk. Een aantal motorboten wordt 's ochtends en 's avonds voor en na gebruik gewassen door de boatboys, meest donkere Marokkanen. De eigenaars komen met familie of vrienden met koeltas en dergelijk even later aan boord om een dagje te gaan vissen op tonijn en zwaardvis. Ook rond de speedboten doet zich een dergelijke metamorfose voor ineens lopen er, terwijl we net gaan wennen aan het straatbeeld met gesluierde en gehoofddoekde vrouwen, vrouwen in korte broek en spannende bikini's rond op het haventerrein. Vanuit een ooghoek zien we een vrouw in korte broek uit haar Jaguar stappen waarna haar, gekleurde, chauffeur de auto mag weg zetten.

Sluiers en hoofddoekjes in soorten en maten. Van zwaar gesluierd met gezichtssluier, hoofddoek en traditionele kleding tot net aan hoofddoekjes op moderne kleding. Het straatbeeld is gevarieerd. het lijkt of een land als Marokkko op twee gedachten leunt. Enerzijds is dat het beeld van de mannen in kaftan, soms zelfs met "Berber"hoofdwindsels waarin de eeuwenlange blootstelling aan zengende hitte en dorre droogte is af te lezen anderzijds is het het beeld van de snelle jongens en meisjes op scooters of, kennelijk een na te streven punt, in een splinternieuwe BMW "5", een SUV, 4WD of een leuke cabrio.

Draadjes uit het trottoir. Internet is wijdverspreid. Toch is het land nog met koperdraadjes aan elkaar gesoldeerd. Internet heeft dan ook vaak/soms een snelheid van een slak. Regelmatig zie je twee monteurs in een putje in het trottoir bezig de koperdraadjes uit elkaar te trekken en weer in elkaar te draaien. Kennelijk ligt internet er dan weer even uit.

Rabat
We besteden de eerste dagen aan het wennen aan het land, het eten en de cultuur. Na een paar dagen gaan we een dag naar Rabat en treffen voorbereidingen voor een trip naar het Atlasgebergte en de Sahara. De trein naar Rabat is een verademing. Het treinen net is modern en efficiënt met prima, dubbeldeks airco treinstellen. De trein is afgeladen vol en kennelijk een populair vervoermiddel. Marokko is duidelijk bezig met zijn spoornet. Zowel in Rabat als in Mohammedia wordt een compleet nieuw stationsgebouw neergezet.

We bezoeken in Rabat, lopend door de Ville Nouvelle met z'n sterke Franse invloed, de Medina met de soukh, de Kasbah en de Hassantoren met het nabijgelegen mausoleum. Opmerkelijk met welk grootheids idee anno 1170 de aanzet voor de Hassanmoskee is gedaan met een ruimte voor 100.000 manlijke gelovigen. De grootste moskee van Marokko in Fez heeft ruimte voor 20.000 gelovigen. De Kasbah heeft een hele aparte bouw met z'n gifblauwe en witgeschilderde muren. Voor onze middagmaaltijd lopen we in de soukh een cafe in dat alleen door Marokkanen wordt bezocht. Er wordt slechts één gerecht met een salade vooraf en meloen na afloop geserveerd. Wel apart om midden tussen de lokale bevolking te eten en te drinken en maar te zien wat er op je af komt.

Aan de kust, met uitzicht over zee, treffen we een enorme begraafplaats aan. Getrokken door een zacht gepiep achter een van de zerken komen een nest jonge katjes in een doosje tegen, nauwelijks één dag oud.

Verrassend genoeg zien we dat Rabat inmiddels een grote Marina heeft. In de pilot wordt de vaart naar Rabat nog streng afgeraden omdat er helemaal niets is om af te meren. We horen van verschillende kanten dat ook elders in Marokko de voorzieningen voor bezoekende jachten sterk zijn of worden verbeterd. Wij horen later dat het om in Rabat veilig binnen te komen zaak is tijdig de marina aan te roepen. Zij komen de bezoeker dan met een "rib" tegemoet om de weg langs de banken te wijzen.  

We trekken een aantal dagen met de trein en de auto het land in en komen via Marrakech via de Hoge Atlas, de Dadelvallei, de woestijn bij Merzouga en de Cederbossen van de Middel Atlas uiteindelijk uit in Fes. 

Als we na onze rondreis weer aan boord zijn pakken we het boordleven weer op. Na een paar dagen van wassen, poetsen (de boot wordt modderzwart van het stof) en website bij werken is het tijd weer verder te gaan. Mohammmedia is erg aantrekkelijk als stad en haven maar er is vast nog wel meer te zien langs de Marokaanse kust.

We varen naar El Jadida waar we kort voor het eind van de vasten dag arriveren. Geen officials meer dus. Iedereen gaat eten. De haven kent maar weinig plaatsen. We liggen naast een zeer fraai klassieke tweemaster die ons helaas, ondanks navraag, om 04.00 in de nacht verrast met hun vertrek. Daar staan we dan, net uit ons slaap, in nachtuitrusting met lange lijnen de boot te verleggen. Na een uur liggen we weer naar wens en kan er weer geslapen worden.

De haven, je ligt midden tussen de vissers, is vrij smerig met veel ronddrijvend vuil, plastic zakken, lijnen en visafval. Bij de spiegel van de boot drijft de kop van een zwaardvis. Alle rotzooi wordt gewoon in de haven gegooid en wij drijven daar tussen in. Het is weekend en om de boot heen is het een drukte van belang. Alle kinderen van de jachtclub zwemmen rond de boot, spelen met surfplanken, lasers en optimisten. Onvoorstelbaar hoe de kinderen zorgeloos in het water springen, zwemmen, zeilen en surfen terwijl de dode vissenkoppen, plastic zakken en andere rotzooi rondom hun heen drijven.

Op de kade speelt zich een heel ander fenomeen af. Kleine vissersbootjes varen naar de wal waar een heleboel mensen zich verzamelen, die schreeuwend en onderhandelend iets voor elkaar proberen te krijgen. Onduidelijk is of ze proberen een deel van de visvangst gratis te verkrijgen, ze zich aanbieden als bemanning voor de volgende visvangst of dat de opbrengst aan de hoogste bieder wordt verkocht. Af en toe neemt het geschreeuw toe en ontstaat er een handgemeen. Van de kant springt er dan iemand in zo'n vissersbootje en gaat de overige aanwezigen te lijf. Vaak ook wordt de indringer er daarna met harde hand weer uitgewerkt. De agressie valt ons sowieso op. Als Diederique de dag na onze aankomst naar de politie gaat voor het zoveelste stempel in ons paspoort blijkt de deur van het kantoortje op slot en zit er een jonge man in opgesloten terwijl een ander heftig gebarend en schreeuwend buiten staat. Als de deur ontgrendeld is krijgt eerst de schreeuwende man buiten ervan langs waarbij opvalt dat menig woord ook wordt voorzien van een stevige duw of greep in shirt. Aan het eind van de "behandeling" krijgt de man, inmiddels wat gekalmeerd z'n mes terug; het lemmet is zeker 20 cm. Daarna wordt de jonge man binnen toegesproken. Er vallen rake klappen en de man wordt een aantal keren met kracht tegen de muur gegooid. Blijkbaar doet dit hem goed want hij wordt er duidelijk rustig en timide van. Zo doen we dat hier lijkt men te zeggen. Diederique is bij het stempel zetten verder maar braaf op haar stoeltje blijven zitten.

Er zitten bijzondere mensen onder het zeilersvolk. Zondagmiddag ligt er ineens een klein Engels bootje naast ons waar na een tijdje een wat bebaarde, sjofele oudere man uit komt zetten. Hij vertelt dat ie van Portugal op weg was naar Madeira maar door de hevige wind wat uit koers is geraakt. Daarna gaat ie douchen onder een slang op de wal. Even later is hij klaar en terwijl hij zich nog wat staat af te drogen, vraagt ie Diederique in alle ernst: "Wat voor land is dit eigenlijk met al die mannen met jurken?" Ze heeft hem maar verteld dat hij in Marokko is aangekomen. Een paar dagen later lezen we op de Navtex een "noodbericht": Tussen El Jadida en Madeira wordt een klein zeilbootje, onder Engelse vlag, vermist met een zeventigjarige solo zeiler. Je kunt alleen maar hopen dat dit uiteindelijk toch weer goed afgelopen is.

Na een paar dagen El Jadida zijn we toe aan verandering, de wind staat gunstig (denken we) en we zijn de continue smerigheid, de markt waarbij je alleen met dichte schoenen kunt lopen tussen groente, fruit, vis en vleesafval, de open vuilnisbakken en de voortdurende stroom vliegen en muggen, zat.

We vertrekken midden op de dag na de laatste boodschappen en lopen de volgende dag Essaouira binnen.Toch is er weer minder wind dan voorspeld en helaas weer veel op de motor moeten varen. Doordat we in de nacht kunnen profiteren van de volle maan hebben we een goed zicht. Een stuk beter en relaxter dan het op de gok en de tast door de zwarte nacht suizen.

Als Christien de instanties langs loopt blijkt de havendienst al naar huis, staat de douane nog onder douche en is de politieman net in gebed. Een van de standaardvragen bij de officials is het beroep. Na wat oefenen, hoe leg je iemand die vrijwel alleen Arabisch spreekt uit wat een gezondheidsvoorlichter doet, hebben we een oplossing gevonden, health teaching. Bij toeval blijkt dit een goede vondst.

Als Christien terugkomt vraagt de jongen die ons heeft helpen aanleggen meteen maar een fles whisky voor z'n hulp. Even later komt de oude baas van de rondvaartboot die achter ons ligt ook al om z'n fles whisky. Later probeert een van de douanemensen het ook nog eens. Na de weelde in Mohammedia, niemand vraagt om een geschenk, El Jadida (slechts één keer de vraag naar een geschenk) zijn we nu in het gebied waar geschenken er bij lijken te horen. De andere Nederlandse jachten (Lady of the Lowlands, Shanty) die met ons in Essaouira liggen worden nog meer belaagd. Christien verklaart overal, verwijzend naar haar "gezondheidslabel" dat we niet roken en niet drinken. Inmiddels klaagt de man van de rondvaartboot dat alle Nederlanders in de haven geen whisky en sigaretten hebben. De truc die de man van de rondvaartboot met z'n helpers toepast is handig. Bij binnenkomst wordt een jacht met veel lawaai en gebaar naast de rondvaartboot gedirigeerd. Daarna begint het hele spel met "hulp bij aanleggen", "op de boot passen", "water"en diesel organiseren" etc.  Als dan blijkt dat er weer geen whisky gevangen kan worden dan worden de betreffende jachten, die eigenlijk nergens kunnen liggen, weer weggejaagd.

Helaas gaat de tijdelijke periode van zuidelijke winden gepaard met veel meer bewolking en regen. De veranderlijke en zuidwestelijke winden houden ons geruime tijd vast in Essaouira.

Maken we in El Jadida al kennis met de smerigheid van de haven, in Essaouira is het maar beperkt beter. Bij de uitgang van de haven wordt de bijvangst van de kleine vissertjes zo verhandeld. In de warme zon ligt de vangst tegen het eind van de middag klaar voor de verkoop, slechts gekoeld met wat water uit de haven (22 graden inclusief olie en uitwerpselen). De vis ligt klaar voor de klant op wat karton of een plastic zak. Ter plekke wordt alles meteen schoongemaakt. Wat rest als iedereen om 19.00 naar de maaltijd mag is een enorme drab van visresten en de stank van dood, verderf en uitwerpselen. We zien de katten er op een avond zelfs hun neus voor ophalen. Toch is de volgende ochtend dankzij de meeuwen en de katten de troep weer keurig opgeruimd. Klaar voor een nieuwe dag.

De vissers zijn dag en nacht in de weer. De bootjes zien er gemiddeld genomen nog slechter onderhouden uit dan in de noordelijker havens. De vissers waarvan er velen meerdere dagen achtereen in een open houten bootje, continue vissend doorbrengen, om beurten slapend onder een gezamenlijke deken, hebben een hard bestaan. Ze vissen met lange lijnen waar honderden haken aan zitten, met stukjes ansjovis, op haai, zwaardvis, zeepaling, rog en tonijn. Daarnaast zijn er nog de sardine vissers. Zij vertrekken in het holst van de nacht, met veel bemanning, en komen in de loop van de dag, sommige pas na een dag of drie, terug om hun vangst aan land te brengen. Deze vissersboten vissen met grote drijfnetten. De vangst wordt in kistjes klaargemaakt aan boord en met grote koelwagens vervoerd naar de afnemers. Dit zijn vaak visverwerkende fabrieken. Ook hier is het bij de kade een drukte van belang. Niet alleen veel oudere gesluierde moslimas die aan de kant met een emmertje zitten te wachten op een paar visjes die ze om niet krijgen van de lokale vissers, maar ook hele hordes meeuwen en katten wachten rustig op hun deel van de vangst.

Sinds we in Essaouira liggen is het weer essentieel veranderd. Het is veel vochtiger, 's nachts en in de vroege ochtend vallen er flinke buien en de temperatuur is teruggevallen tot 25 graden overdag en een graad of 15 in de nacht. De regen maakt het soms in de stad en op de markt een modderpoel. Gelukkig droogt alles weer snel zodra de zon schijnt. Naast het regelmatig bezoek aan de markt bezoeken we een van de dagen ook de oude verdedigingswerken op de muur van de oude stad.

Doordat de wind in de verkeerde hoek zit voor de oversteek verzamelen zich in de haven geleidelijk wat jachten. Een groepje bootboys ziet er wel handel in en proberen hun diensten te slijten. Zaterdag is het dieseldag. We onderhandelden al dagen over de prijs en dan gaat het echt gebeuren. Iedereen wil zijn aandeel in de winst en er is een duidelijke pikorde. De onderhandelaar, de eigenaar van de duwkar, de werkboy, de politie en de douane, iedereen eist zijn aandeel op. Hoe dan ook, na 2 uur gedoe, is er 300 liter diesel aan boord van de 2 Nederlandse schepen. Aan het einde van de rit willen ze nog een toegift, whisky of sigaretten natuurlijk, maar dat zit er niet in. Met 2 pilsjes en 25 euro vonden wij hun diensten veel te ruim betaald. De onderhandelaar komt na afloop ook nog even aan boord om te vragen of hij ook nog een kado krijgt voor z'n "bewakingsdienst". We hebben hem duidelijk gemaakt dat we geen prijs stellen op z'n bemoeienis. Prompt mogen we van hem niet meer samen van boord. Hij drukt ons nog even op het hart vooral verder met niemand afspraken te maken want hij is de "baas". Als we water nodig hebben dreigt het spel op nieuw te beginnen. De kwaliteit is echter zo slecht (alleen voor de wc en voor dekwassen) dat we zelf maar wat extra 5 literflessen water in de stad gaan halen.

Met de generator zetten we nieuwe stappen. Na onze aankomst in Essaouira helpen de oude lapmiddelen helemaal niet meer. Hij weigert dienst. Lastig want er is in de haven geen stroom en water en de zon en de wind zijn even op vakantie hier. Een mail naar Mastervolt leverde een aantal tips en punten op die we een voor een nalopen, een dag werk. Net als we het niet meer weten en op zoek gaan naar een dealer op de Canarische eilanden realiseren we ons dat we een meetfout gemaakt hebben. En ziet, alles weer uit elkaar, meetdraadjes aangesloten en ......het defecte onderdeel verraadde zich. De olietemperatuursensor blijkt kapot. Gelukkig zit er een nieuw exemplaar in onze reserve kit! Onderdeel vervangen, niet echt makkelijk maar alla, daarna draaide de generator weer als een zonnetje. Tot twee dagen later, een uur voor de zon onder gaat, het rode failurelampje weer gaat branden. Wederom meten en .... De uitlaattemperatuursensor defect. Gelukkig zit die ook in de reserve kit. Olietemperatuur stuk; uitlaattemperatuur stuk: is er toch niet iets met het koelwater? Nog net voor het donker duikt Diederique met een duikfles in het ondoorzichtige smerige water om na te gaan of de waterinlaat soms dicht zit. Gewapend met een duikmes maakt zij de waterinlaat schoon en vrij van het roostertje dat daar voor zit. Voorlopig helpt het en snort hij elke dag een paar uurtjes.

We vullen de dagen met doe- en onderhoudsklussen, de stad bekijken en onze vingers natellen. We worden namelijk met grote regelmaat belazerd waar we bij staan. Een paar dirnham hier (bij het geld teruggeven ontbreken er regelmatig een paar dirnham, een extra dure ananas, te dure koekjes, vlees dat iedere minuut duurder wordt. Je zegt er wat van maar ze doen net of ze gek zijn. We merken dat we het gesjacher een beetje zat beginnen te worden. Overigens doen ze onderling het zelfde. De man die met ons de "dieseldeal" sloot wilde alleen maar buiten het zicht van z'n helpers betaald worden. Hij had duidelijk met z'n helpers iets anders afgesproken.

Gelukkig laten de windgribs (windverwachtingen) zien dat er een paar dagen van geschikte wind aan komen. We vertrekken de 24e vroeg. We hebben geluk en houden tot ver in de middag van de 25e voldoende wind. Dan pas valt de wind weg en moet de motor aan. Op het moment van vertrek blijkt de koelkast het niet te doen. Geen koelwater. Uiteindelijk vertrekken we met een uitgeschakelde koelkast. Lastig want al onze, bederfelijke levensmiddelen voor de komende dagen zitten daarin. Eenmaal buiten de haven met een lange "bbq"pen door de kraan het vuil en de aangroei weggeduwd tot er weer een kleine opening met koelwater ontstaat. We zullen op de Canarische eilanden onder de boot moeten om ook de andere wierschelpjes die we een paar jaar geleden aan de buitenkant van de wateropening van de wc, de generator en de koelkast hebben gemonteerd, te verwijderen.

We verlaten Marokko met enige weemoed. We hebben er een maand genoten van het land, een leuke rondreis gemaakt, lekker gegeten. Anderzijds zijn we de stinkende haven, de corruptie (iedereen moet "presents" hebben)en de smerige straten bij de haven (visresten en viskoppen tot op ons dek) aardig zat. We benutten de eerste oversteekdag voor het geven van een eerste schrobbeurt aan het dek en de kuip. Te vroeg naar later blijkt. Een sahara-regenbui kleurt 2 dagen later de boot weer roodbruin.

De eerste dag hebben we stralend weer. In de loop van de nacht varen we een gebied in met variabele winden en bewolking. In de loop van middag valt de wind weg en gaat het af en toe zachtjes regenen. De nachten zijn aardedonker zonder maan. De sterren alleen, voor zover zichtbaar, geven te weinig licht. Al snel in de oversteek wordt duidelijk dat we, rekening houdend met motorgebruik de laatste uren, te vroeg zullen aankomen. Midden in de nacht voor anker gaan in een volstrekt vreemde haven is niet handig. We minderen gedurende de dag behoorlijk snelheid zodat de aankomst verschoven wordt naar de vroege ochtend. Tijdens haar laatste wacht ziet Christien heel in de verte de lichten van Lanzarote op doemen. Om 8.30 utc gooien we bij Isla Graciosa, het eilandje vlak boven Lanzarote, in een mooie baai, Playa Francesa, het anker uit. Precies 48 uur na vertrek uit Marokko richting Canarische Eilanden.

Marokko; Meer Foto's

Op deze pagina rust auteursrecht; gebruik van delen alleen na toestemming van de auteur.